Home » 2008-2014 » Bard’s Meetjeslandse Muziekcolumn

Nog eventjes. Nog een kleine week. En dan vieren we opnieuw Cirque Constance Festival. Voor bands is dit het Parijs-Roubaix van de festivals, ‘la reine des classiques’ om het even mooi in het Duits te zeggen. Het Weiste Festival van Vlaanderen (moet ik op deze quote nog SABAM betalen?). En precies vandaag, zeven dagen voor Cirque Constance, hoor ik op Radio 1 een schitterend interview met singer-songwriter Pieter-Jan De Smet. Beuzak luidt zijn artiestennaam momenteel. Maar tijdens het interview is daar absolut geen sprake van. Ik hoor een verstandige man, met een mooie stem, met liefde voor zijn kinderen en zijn gezin, én met passie voor muziek. Dus geen beuzak, integendeel. En de oude Pieter-Jan De Smet van ‘Antidote’, ‘Indian Summer’ en ‘Baby’s in the world’ is nog wel steeds hoorbaar in de fragmenten die hij laat horen. Maar deze plaat verlegt ook wel een grens, voor hem en voor songwriting in Vlaanderen. Pieter-Jan nam deze songs ’s nachts op en het ‘Night Owl’-gevoel komt dan ook voortdurend bovendrijven. Ik hoor een vleugje Serge Gainsbourg, een beetje Bowie en beetje Waits. Referenties die tellen. Pieter-Jan De Smet is zo één van die artiesten die eigenlijk meer erkenning verdient voor het talent waar ze voor staan. Michel Goessens van Aardvark is zo iemand en Gentenaar Bruno Deneckere ook. Bruno betovert me al van in de humaniora, nu vijfentwintig jaar geleden. Als zestienjarige knaap, met gitaar in de hand leerde hij me in één klap een andere wereld kennen: Bob Dylan, de vroege Springsteen, The Del Fuegos, Green on Red, Neil Young. We haalden hem en zijn band The Pink Flowers meteen twee keer naar  het Jeugdhuis van Sleidinge. ‘Wie komt daar uit die auto gekropen? Wat laat jij op ons los?’. Dat waren de opmerkingen die ik voor aanvang het concert kreeg. Na het concert begrepen de meeste kritikasters waarom. Ik had een zestienjarige diamant gevonden. Bruno en Michel Goessens, die hebben me gemaakt tot wat ik nu ben: een melomaan die muziek zoekt met een ziel. Net zoals veel andere muziekliefhebbers ben ik vooral geïnteresseerd in ‘de song’, ‘het idee’, ‘het verhaal’. Dat zijn de bands waar ik naar uitkijk op Constance. Met Pieter-Jan De Smet en Bruno Deneckere zijn alvast twee grootmeesters van ‘de song’, ‘het idee’, ‘het verhaal’ naar Kaprijke uitgenodigd. Ik kijk er naar uit. Net zoals ik uitkijk naar een doorbraak van Pieter-Jan, Michel en Bruno. De vraag is: willen ze het zelf wel?

 

Unknown